Zoek op kwaal

Hoofdluis

Omschrijving

Vrijwel iedereen krijgt er wel een keer mee te maken: hoofdluis. Hoofdluis kun je krijgen door (indirect) contact met iemand die hoofdluis heeft. De luizen kunnen direct worden overgebracht van het ene hoofd op het andere. Ook op plaatsen waar jassen, sjaals en mutsen van verschillende mensen dicht bij elkaar hangen, is de kans op besmetting groot. Hoofdluis is geen kwestie van slechte hygiëne. Snelle behandeling voorkomt uitbreiding van de besmetting.

De hoofdluis is een parasiet: het beestje leeft van mensenbloed. Hoofdluizen komen vooral voor op warme, behaarde plekjes, zoals achter de oren, in de nek of onder een pony. Een hoofdluis is ongeveer 3 millimeter groot en grijsblauw of, nadat hij bloed opgezogen heeft, roodbruin van kleur. De eitjes van de hoofdluis, de neten, zijn grijs-wit en lijken op roos. Het verschil is dat roos los zit terwijl neten juist aan de haren kleven. Om vast te stellen of het om hoofdluis gaat, kun je het beste het haar kammen met een luizen- of netenkam boven wit papier of de wasbak.

De beste methode om luizen en neten te verwijderen is door het haar dagelijks te kammen met een netenkam, eventueel in combinatie met een antihoofdluismiddel. Doe dit twee weken lang. Was besmette kleding, beddengoed en knuffelbeesten enzovoort op minimaal 60º C. Bewaar spullen die je niet kunt wassen minimaal een week in luchtdicht gesloten plastic zakken zodat de neten dood gaan; daarna uitkloppen. Je kunt hoofdluis voorkomen door lichamelijk contact met een besmet persoon te vermijden. Gebruik ook geen kleding, beddengoed of toiletartikelen van iemand anders. Heb je hoofdluis geconstateerd, wees hier dan open over en waarschuw de leiding van school of het kinderdagverblijf. Sommige scholen hanteren zogenaamde luizencapes waar kinderen hun jassen in kunnen doen. Controleer ook de overige gezinsleden regelmatig.

Er zijn verschillende antihoofdluismidddelen op de markt. Deze middelen kunnen echter schadelijk zijn voor jonge kinderen, zwangere vrouwen en vrouwen die borstvoeding geven. Ook baby’s tot zes maanden mag je niet met een antihoofdluismiddel behandelen. Pas in deze gevallen alleen de uitkammethode toe of raadpleeg in een arts.



Typ hier je zoekterm
Bel gratis 0800-9011
Niet gevonden wat je zocht?
Stel hier je vraag aan de redactie.